Fysiotherapie Breda

Sensorische informatieverwerking

Het verwerken van prikkels gaat meestal automatisch en vanzelf. Het is van belang dat het zenuwstelsel weet aan welke informatie het aandacht moet besteden en welke informatie genegeerd kan worden.

Wanneer prikkels niet goed worden verwerkt, kan dit zich uiten in gedrag dat niet helemaal bij de situatie past. Dit kan leiden tot allerlei problemen thuis en op school. De problemen kunnen zich op vele manieren uiten:

  • Een erg passief kind (is erg rustig, mist veel informatie, is dromerig, slordig en onhandig);
  • Een erg druk kind (is voortdurend in beweging, zit overal aan, kan niet stil zitten, is chaotisch, komt niet in slaap);
  • Een erg gevoelig kind (wil bepaalde kleding niet aan, heeft een hekel aan bepaalde voeding, schrikt snel, is bepalend, is detail gericht, raakt erg snel overstuur, vindt aanraken niet fijn);
  • Een kind dat alles vermijdt (wil niets, gaat niet uit zichzelf spelen, is onzeker, bepalend, alert en gespannen);
  • Een erg onhandig kind (heeft een tragere ontwikkeling, heeft veel ongelukjes, valt regelmatig, vindt het moeilijk om nieuwe vaardigheden te automatiseren);
  • Een kind wat zichzelf niet goed kan reguleren (kan zich uiten in ernstige slaap- en/of eetproblemen, paniek, extreem veel huilen, driftaanvallen die lang aanhouden en waarbij het kind niet te bereiken is, hyperactief gedrag en vermijden van contact).

Een behandeling bij een SI-therapeut.

Wanneer er een vermoeden bestaat van zintuiglijke informatieverwerking problematiek, wordt er gestart met een uitgebreide intake. Dit om goed in kaart te brengen wat voor problemen het kind ondervindt en ervaart. Daarna wordt er een bewegingsobservatie/motorisch onderzoek gedaan, en wordt de Sensory Profile-nl-lijst voor ouders afgenomen. Indien nodig, wordt er aanvullend een observatie op school of op het kinderdagverblijf gedaan en kunnen leerkrachten een speciale lijst voor de zintuiglijke informatieverwerking (Schoolcompanion) invullen. De informatie van leerkrachten of anderen kan waardevol zijn, omdat het kind soms ander gedrag laat zien op school dan thuis.

Op basis van de uitkomst wordt een behandelplan opgesteld en besproken met de ouders en eventueel met de leerkracht of andere begeleiders (zoals bv. remedial teachers, intern begeleiders of groepsleidsters).

Het is vooral belangrijk om het (motorisch) gedrag van het kind te gaan begrijpen en om iedereen praktische handvatten en technieken aan te reiken, waardoor het kind makkelijker om kan gaan met bepaalde prikkels of om het kind te stimuleren of te dempen via bepaalde zintuigen. Ook is het belangrijk dat ouders of anderen inzicht krijgen in hun eigen zintuiglijke profiel.

Tijdens de behandeling wordt gebruik gemaakt van een oefenprogramma om geleidelijke gewenning van prikkels op te bouwen en worden technieken aangereikt om bepaalde reacties te voorkomen of te verminderen.

Voor meer informatie over sensorische informatieverwerking: www.nssi.nl